Historie

De Beauceron is een boeren werkhond. Over de oorsprong is helaas niet zoveel bekend. Pas in de tweede helft van de 19e eeuw krijgt de Beauceron zijn naam. Zonder twijfel ligt de oorsprong van het huidige ras op de vlakten rond Parijs, waar zich grote veehouderijen hadden ontwikkeld. Om het vee naar de grote veemarkten te kunnen voeren had men een weer- en windbestendige herdershond nodig die de kudden hoedde, dreef en bewaakte.

In oude werken wordt gesproken over een ‘chien de Brie’ en de ‘chien de montagne’. Tot eind 1800 kende men dus twee variëteiten van de Franse herder, een kortharige en een langharige hond.

Pierre Mégnin beschrijft de chien de Beauce in zijn encyclopedie “Le chien et ses races” (1889).

Tijdens een vergadering in 1896 ten behoeve van Cornevin’s rasbeschrijvingenboek worden dan de officiële namen vastgesteld: Chien de berger de Beauce (kortharig) en de Chien de berger de Brie (langharig). In 1900 werd de rasstandaard vastgesteld.

In 1897 werd de ‘Club Francais du chien de berger’ opgericht ten behoeve van de Beauceron en de Briard. Op 14 april 1911 werd op initiatief van Siraudin de ‘Club des Amis du Beauceron’ opgericht.

Buiten Frankrijk bleef de Beauceron zeldzaam. In België is het ras behoorlijk vertegenwoordigd en ook Zwitserland kende een paar fokkers.  In Duitsland is een gecombineerde rasvereniging (Beauceron, Briard en Picard). In andere Europese landen is de populatie Beaucerons niet groot en in Engeland zelfs gering. In 2003 is het ras erkend in de Verenigde Staten.

Op 10 september 1977 wordt er in Nederland een rasvereniging opgericht, de Beauceronclub Nederland. Het clubblad verschijnt 4x per jaar en heeft momenteel een oplage van 300 exemplaren.

Ook kent men binnen de club een fokkerij commissie en een gedragscommissie en er wordt een boek geschreven: De Beauceron. En inmiddels is het nieuwe boek uit. U kunt een exemplaar bestellen bij de Beauceronclub Nederland via haar eigen website: www.beauceron.nl